Bouwgeschiedenis

Overzicht van de bouwgeschiedenis Kasteel Boxmeer

Elfde eeuw
Het eerste kasteel van Boxmeer wordt gebouwd.
De heren van Cuyk zijn rond 1134 stichters van de abdijen van Floreffe en van Postel (!).

1269
Johannes (I), dictus Buc de Mere, bouwheer woonburcht Hof van Mere, met hoofdingang met voorburcht gericht op het Noorden,

1284-1285
In opdracht van de stad Dordrecht wordt het kasteel verwoest door Floris V graaf van Holland.

1365-1366
Wenceslaus, hertog van Brabant laat het kasteel afbreken.

Vanaf 1366
Het kasteel wordt herbouwd.

Na 1533
Floris van Egmond, broer van Anna versterkt he kasteel door de wallen en ronddelen te verhogen en door hoekbastions met kazematten voor kanonnen aan te laten leggen. Ook laat hij onderaardse gangen en borstweringen aanleggen om zodoende alles veilig met elkaar te verbinden. En er wordt een nieuwe ronde toren van het kasteel opgetrokken

1568
kasteel door de Spaanse hertog Alva ingenomen. En wordt als vergelding in opdracht van Alva voor driekwart gesloopt.

1579
Herbouw van de oostelijke Ridderzaal-vleugel van het kasteel

1585
Voorburcht wordt vernield door de heer van Gemert

1590
Wordt het kasteel, op verzoek van Maria van Nassau, door de Spaanse gouverneur ontmanteld. Hierbij worden de wallen en fortificaties verwijderd

1609, 1615
Uitbreiding van het kasteel, waaronder een nieuwe toren. in het zuiden en westen nieuwe gebouwen aan de bestaande burcht waardoor het een sterk vierkant slot wordt met een binnenplaats.

1629
Zware storm grote schade aan het kasteel. Ook aardbevingen en overstromingen teisteren veelvuldig het kasteel en de bewoners. Albert laat daarom een nieuwe kapel bouwen

1631
De Grift, een afwateringskanaaltje met een stuw, dat van het kasteel langs de Mazenburg in de Maas loopt, van uit de Meer voltooid. Daarmee moet het moerasgebied direct rondom het kasteel droog gelegd worden.

1695
Een grote bloementuin wordt aangelegd in Franse stijl die tot 1778 in functie is gebleven

1737
Verplaatsing van de toegang tot het kasteel van het noorden naar het westen; afbraak van de oude kapel van het kasteel, waarbij de oude schuur aan de andere kant van de toegangsweg blijft staan. Bouw, aan het begin van de nieuwe westelijke oprijlaan naar het kasteel, de barokke Nepomukkapel.

1759-1787
Kasteel onbewoond en raakt in verval.

1780-1782
Maria Johanna Josepha gravin van den Bergh (1727-1787 gaat dan in het kasteel wonen en sloopt het grotendeels

1784
Het oude kasteel wordt vervangen door een drieflankig paleiscomplex in de Lodewijk XV-stijl, met behoud van het linker woonvleugel uit 1617. Architecten zijn Lijdel en Grimbach. Ook de binnengracht wordt gedempt en eroverheen gebouwd. aan de westzijde is een nieuwe Franse tuin aangelegd. Leopold Frans Jan Jacob van Sasse van Ysselt, kleinzoon van Leopold Frans de Raet, die toen nog maar vier jaren oud was, legde voor dien nieuwen bouw den eersten steen.

1824
Vanaf 1802, pas twintig jaar na de verbouwing, begint de westelijke vleugel van het paleiskasteel ernstig te verzakken. Het middengedeelte en de rechtervleugel van het kasteel worden vanwege verzakkingen afgebroken.
Het bouwvallige deel van het paleiskasteel wordt voor een groot gedeelte gesloopt. In deze gedeelten van het kasteel bevinden zich de huiskapel en de dans- en receptiezalen. Het overige deel, het linkse oostelijke paleisvleugel en het middenstuk, waarin zich de ridderzaal uit 1617 bevindt, liet hij staan.
De noordelijke toegangsweg wordt gesloten en de ophaalbrug in de Hofschen dijk gesloopt. De opening in die dijk, waarover de brug lag, laat hij met aarde volstorten. Het kasteelterrein kan voortaan alleen worden betreden via de nieuwe, naar het westen gerichte brug over de Meer, die langs de Nepomucenuskapel loopt.

1877-1896
mr Alphonse Maria Sassen, legt brug aan gericht op het westen

1878
Wordt de koetsiers- en tuinmanswoning bij het kasteel gebouwd.

1903
Aan het kasteel wordt een vleugel gebouwd voor administratie (Kastanjelaan) en voor zieke zusters (daar boven) met op zolder een open slaapzaal voor de andere zusters; genoemd ‘Ziekenhuis van het H. Hart’

1923
Wordt het ziekenhuis verder uitgebreid met steeds grotere aanbouwen. Bij de bouw daarvan worden onderaardse gangen gevonden, vanuit de keuken in zuidelijke richting (Sambeek), waarschijnlijk uit de tijd van de Tachtigjarige oorlog

1932
Wordt de oude brug vervangen door een brug van gewapend beton (geopend in 1933)

1934
Wordt de nieuwe verhoogde dijk rondom het kasteel opgeleverd.

1948
Wordt de oorlogsschade, ontstaan in 1944, hersteld.

1950
Men stuitte bij het storten van de fundering onder de nieuwe vleugel van het kasteel op een anderhalve meter brede onderaardse gang die men 20 meter kon volgen tot onder het deel van de gracht die tussen 1782 en 1784 met puin werd gedempt. Men trof er lange houten palen in de modder die mogelijk afkomstig waren van oude bruggenhoofden.

1968
Ziekenhuis ‘t kasteel, of het Heilig Hartziekenhuis, omgebouwd tot ‘verpleeghuis Madeleine’

1988
Verbouwing tot bejaardenoord voor religieuzen en provinciaal moederhuis van de congregatie van de zusters van Julie Postel. Het krijgt de naam Katholiek Verzorgings Huis (K.V.H.) St. Anna

2008
Aanbouw vleugel de Ark

Begin 21e eeuw

Restauratie van de Ridderzaalvleugel kasteel Boxmeer.

 

Bouwhistorische ontwikkeling van de 15e eeuwse Ridderzaalvleugel van Kasteel Boxmeer

Wanneer bij de herbouw van de vleugel in 1579 gebruik is gemaakt van de restanten van een ouder, kort daarvoor verwoest casco, dan zal dat casco vermoedelijk niet ouder zijn geweest dan de 15de eeuw. Het is in de periode dat voor het eerst op grotere schaal aan woontorens zaalbouwen worden toegevoegd. De ridderzaalvleugel kan mogelijk nog in de eerste, en een deel van de tweede bouwlaag opgaand muurwerk uit deze periode bezitten. Het metselwerk van de borstweringen en delen van de rookkanalen is opgetrokken in een formaat baksteen dat zeer goed past bij de herbouwdatum van 1579. Het thans nog in de zaal zichtbare rookkanaal met mantel is ook toen ontstaan, maar verbouwd bij de aanleg van het stucplafond ruim een eeuw later.

De samengestelde balklaag kreeg voor het stucplafond een geschilderde afwerking met biezen op de kinderbinten en moerbalken en geschilderde op de hoeken en halverwege in een cirkel omkrullende lijsten op de vloerdelen. Deze schildering kan nog in de 16de eeuw zijn aangebracht. De zaal heeft vanaf de herbouw in de late 16de eeuw een zijgang gehad, welke echter in een later stadium (in de late 18de eeuw of de late 19de eeuw) is verbreed, waardoor een deel van het stucplafond verloren ging.

Bij de verbouwing tot een luxe kasteel in 1782 is vermoedelijk niet de gehele vleugel opgenomen in het nieuwe complex maar heeft een inkorting plaats gevonden. In de late 18de- of de 19de eeuw kreeg de vleugel gepleisterde wanden. De vensters met hun 8-ruits ramen dateren uit de 19de eeuw. De laat 16de-eeuwse kap is bij de verbouwingen in 1782 niet alleen opnieuw gesteld maar ook voorzien van dakkapellen met ovale raampjes. De dakruiter is betrekkelijk jong en dateert uit het begin van de 20ste eeuw.

Door oorlogshandelingen raakte de gevels in 1944 beschadigd, werden ramen vernield en ging de helft van het oude stucplafond verloren. Herstellingen zijn uitgevoerd in 1946-48 en het stucplafond werd aangeheeld in 1991.   In begin 21e eeuw is de gehele Ridderzaal gerestaureerd.

Bron: “Kasteel Boxmeer, Bouwhistorische documentatie van de verdieping met zolders van de “Ridderzaal”, Monumenten Advies Bureau, Nijmegen, maart 2002.

 

Bronnen: zie literatuurlijst